Elke werkende kreeg er van Rutte-II half procent koopkracht bij (en halve ton schuld om overal banken te spekken)

Wat fijn, een half procent meer koopkracht! We staan er echt beter voor dan dik vier jaar geleden, bij het begin van ‘Rutte-II’. De Koning zegt, dus het klopt. Toch? Nee.

Halve ton meer schuld per werkende
Dat van die koopkracht, het zal wel kunnen kloppen. Maar deze regering (‘geen cent meer naar Griekenland’) heeft toegestaan dat de EU een transferunie is geworden, van Noord naar Zuid welteverstaan. Via drie mechanismen (reddingsfondsen, het betaalverkeer en de ECB) staat de werkende Nederlander voor een halve ton de neus garant voor de schulden van anderen. Zo bekeken komt hij er met die half procent meer koopkracht bekaaid vanaf. Een half procent op bijvoorbeeld € 30.000 is € 150, goed voor een jaar volledig gebruik van Tinder en daar houdt het op.

Het vervelende is dat de Europese reddingsfondsen in theorie oneindig groot kunnen worden. Zo staat het reddingsfonds ESM toe dat de directeur ervan landen kan dwingen om bij te storten teneinde verliezen te dekken. Daar zit, met een beetje pech, geen stop op. Omdat er steeds nieuwe regelingen en herhalingen van steunrondes zijn (zoals een derde pakket voor Griekenland) is het einde niet in zicht.

Waar komt die halve ton vandaan? Er zijn drie grote Europese aderlatingen voor de Nederlandse economie. Het zijn er meer, maar laten we het bij deze drie houden.

1) Garantstellingen voor andere landen
Als fervente lezer van 925 kent u dit staatje, dat uit de Miljoenennota is geknipt. Om te voorkomen dat banken in andere Europese landen een verlies maken op failliete Club Med-landen, is de Nederlandse regering bereid om te bloeden. Of tenminste, om anderen te laten bloeden. Via acht instellingen, zoals het Europese Stabiliteitsmechanisme en het IMF staat Nederland garant voor een bedrag van € 153,7 miljard. Dat is zwaar verboden, maar dat is de aanwezigheid van landen als Griekenland en Italië op zich ook al.

2) TARGET-2
Licht technisch verhaal. Om betalingen in de eurozone te vergemakkelijken, treedt de ECB op als clearing-instelling. Als tien Nederlanders en tien Italianen elkaar onderling betalen, dan tellen DNB en Banca d’Italia alle grensoverschrijdende betalingen op. Deze worden dan gesaldeerd en op het niveau van de centrale bank afgerekend. Als de tien Nederlanders opgeteld meer over moesten maken naar de Italianen opgeteld dan andersom, dan betaalt DNB het verschil aan het einde van de dag aan Banca d’Italia.

Door de kredietcrisis zijn de banken van de meeste Zuid-Europese landen failliet en illiquide. Daarom kunnen ze sinds ongeveer 2008 niet meer afwikkelen aan het einde van de dag. Nederland heeft een tegoed opgebouwd van € 102,5 miljard, wat een vordering is op landen die dus al failliet waren. Dat geld komt daarom nooit meer terug. Gezien de trend wordt het alleen maar erger.

3) OMT/ECB APP Holdings
Kunnen we dit vertalen? OMT staat voor Outright Monetary Transactions. Als een centrale bank de economie wil stimuleren, kan ze bezittingen van banken kopen. Die hebben dan meer geld in kas, dat ze kunnen uitlenen aan ondernemers. Alleen zit de bank dan wel met de bezittingen in de maag, zoals Griekse staatsobligaties of Amerikaanse vastgoedproducten. De meeste bankiers hebben wel ergens een doos met rotzooi staan waar ze graag vanaf willen.

Vervelende bijwerking: als daar een verlies op wordt gemaakt, dan is die voor de aandeelhouder in de centrale bank. En dat is de belastingbetaler. De ECB heeft nog een opkoopprogramma (‘asset purchase programme’), het bekende beestje van Mario Draghi. Met het geld dat uit de printer van de ECB komt, kunnen Arabische dictators euro’s laten neerdalen op het Kremlin. Dat is compleet krankzinnig, maar de euro loopt dan ook op zijn laatste benen, dan krijg je dat. Niet schrikken, maar het getal van zeven cijfers rechtsonder, het totaal, is uitgedrukt in miljoenen euro’s. Het staat eronder. Dat betekent dat ECB dik € 2 duizend miljard aan rotzooi in zichzelf heeft opgezogen.

Deze berekening is in miljoenen. Opgeteld gaat het om bijna een halve ton per werkende Nederlander. Geniet ervan, die half procent meer koopkracht!